Van Mars tot Pluto: Percival Lowell en zijn assistent Clyde Tombaugh

De gedachte dat er leven zou zijn op Mars maakte lang opgang in de astro- nomie. Zo meende de negentiende-eeuwse Italiaanse astronoom Giovanni Schiaparelli dat er kanalen te zien waren op Mars. Zijn bekendste navolger was de eigenzinnige Amerikaanse sterrenkundige Percival Lowell (1855- 1916). Hij geloofde tevens in het bestaan van een negende planeet, een on- conventionele gedachte voor die tijd. In deze rubriek gaan we nader in op zijn leven en werk en staan we stil bij Clyde Tombaugh, die later voor de familie van Lowell ging werken en op wiens conto feitelijk de ontdekking van Pluto kwam. Terwijl Lowell deels met de beroemdheid aan de haal ging.

Door Vincent van de Vrede

 

Zeker in de tijd dat er nog niet heel krachtige telescopen be- stonden, laat staan futuristi- sche missies met rovers die op  de planeet landen, heerste er veel myste- rie rond de planeet Mars. En die vage patronen op Mars, waren dat soms wa- tergangen? Giovanni Schiaparelli (1835- 1910) was er heilig van overtuigd toen hij zijn ontdekking van de ́canali ́ in 1877 wereldkundig maakte. 

 

Eigen sterrenwacht

Een van de astronomen die geïnspireerd werden door Schiaparelli’s theorie over de Marskanalen, was de Amerikaan Percival Lowell (1855-1916). Hij stamde uit een rijk en oud Bostons geslacht. Dankzij het fortuin van zijn familie kon hij zich ongestoord met 

percival-Lowell

sterrenkunde bezighouden. Zo liet hij een eigen, be- roemd geworden sterrenwacht bouwen met een voor die tijd zeer geavanceerde telescoop: het Lowell Observatory.

Percival Lowell was ervan overtuigd dat er kanalen waren op Mars. Hij besteed- de meer dan vijftien jaar aan het maken van allerlei ingewikkelde kaarten. Net als Schiaparelli meende Lowell lijnvor- Clyde Tombaugh. Ook Indische satelliet MOM bereikt Mars Op 24 september, twee dagen na MAVEN, bereikte ook de Indische Mars Orbiter Mission (MOM), die men ook wel Man- galyaan noemt, de rode pla- neet. Deze satelliet werd op 5 november van vorig jaar gelan- ceerd. Het is eigenlijk een de- monstratiemissie, waarmee In- dia wil aantonen dat het land over de technologie beschikt om interplanetaire missies te volbrengen. De satelliet heeft vijf weten- schappelijke instrumenten aan boord, waaronder een camera. MOM zal de atmosfeer en het oppervlak van Mars bestude- ren. De satelliet bevindt zich in een sterk elliptische baan op een hoogte van 365 tot 80 000 km boven het Marsoppervlak. De missie zou zes tot tien maanden duren. Percival Lowell. mige structuren te zien op Mars. Hij on- derzocht die ‘canali’, zoals Schiaparelli ze genoemd had. Dat betekent

dekanalen

 eigenlijk (natuurlijke) ‘waterweg’ maar het werd in het Engels opgevat als (kunstmatig) ‘kanaal’. Lowell meende dat de kanalen diende om water van de poolstreek naar de evenaar van Mars te brengen, waar hij dacht dat zich droge, maar vruchtba- re gebieden bevonden.
Tot zijn overlijden in 1916 bleef Lowell vasthouden aan zijn geloof in een bui- tenaardse beschaving op Mars. Een hardnekkig geloof dat daarna enkele decennia standhield in bredere kring. De eerste die echt moderne Marskaar- ten maakte zonder wilde eigen interpre- taties, was overigens Johannes Heinrich Von Mädler. Hij werkte een decennium aan zijn Marskaarten die rond 1840 werden gepubliceerd. Hij ontdekte zo ook de rotatieperiode van Mars. Zijn ontdekkingen zijn feitelijk veel belangrijker geweest voor het Marsonderzoek dan het werk van Schiaparelli en Lowell.

clydetombaughPluto

Na Lowells dood zette zijn familie een andere grote queeste voort van de be- faamde astronoom: de zoektocht naar ́Planeet X ́. Lowell had het onwrikbare idee dat ernog een negende planeet moest zijn in het zonnestelsel. In die tijd kende men er acht. Voor het zoeken naar de hypothetische planeet werd door Lowells familie een zeer begenadigd sterrenkundige in dienstgenomen: Clyde Tombaugh (1906- 1997). Jarenlang zocht hij met grote nauwkeurigheid naar de geheimzinnige planeet enstuitte uiteindelijk op een vaag stipje dat later Pluto werd genoemd. Maar het was niet Tombaugh die de erkenning bij het grote pu- bliek kreeg, maar de reeds lang overle- den Percival Lowell. Door ́zijn ́ ontdekking van Pluto werd hij in een klap weer serieus genomen en zorgde dat hij niet meer werd geassocieerd met zijn missers over de Marskanalen. Uit verering vormden de eerste twee letters van de naam een verwijzing naar Percival Lowell. En Clyde Tombaugh? Astro- nomen zien hem als dé ontdekker van Pluto. En u nu wellicht ook.
Schiaparelli

Weersverwachting

Foto van de dag

Tweets over sterrenkunde

Contact

Stip Media

Louise de Colignystraat 15 

1814 JA Alkmaar

+3172 531 49 78

info@zenitonline.nl