De geodiversiteit van het zonnestelsel

003Ons zonnestelsel bestaat uit de zon, acht planeten, minstens vijf dwergplaneten, ongeveer 140 manen en verder talloze planetoïden, kometen en transneptunische objecten. (NASA)

We houden van onze lijstjes van verschillende hemelobjecten: planeten, dwergplaneten, planetoïden, meteorieten, exoplaneten. Probeer eens een lijstje te maken van de verschillende soorten landschapsvormen en landschapsvormende processen die we op de verschillende (dwerg)planeten en manen aantreffen. Wat valt dan op? In vergelijking met de veel kleinere dwergplaneet Pluto oogt Mercurius saai, en is onze eigen maan een stuk eentoniger dan het exotisch gekleurde landschap van de jupitermaan Io. De plek van een hemellichaam in het zonnestelsel en zijn afmeting geeft op voorhand geen garanties voor de complexiteit van het landschap dat je er kunt aantreffen. De diversiteit van landschapsvormen staat ook wel te boek als de geodiversiteit. Op aarde gebruiken we die term veelvuldig om de ruimtelijke variaties in landschappen, landschapsvormende processen en bodemsamenstelling te kunnen duiden.

En net als op aarde is die geodiversiteit ook ongelijk verdeeld in het zonnestelsel. Voor het grote plaatje van het zonnestelsel kun je als planeetonderzoeker aan de hand van die grote verschillen in geodiversiteit proberen om drie basisvragen op te lossen. Allereerst wil je weten hoe het oppervlak van een hemellichaam eruit ziet, door welke processen het gevormd werd, uit welke materialen het bestaat en welke ouderdom het heeft. Met dat lijstje kun je vervolgens proberen om te reconstrueren in welke stappen een planeet zich ontwikkelde naar de situatie zoals je die vandaag de dag op foto’s van ruimtesondes ziet. Tot slot, en dat is wellicht de meest complexe vraag van de drie, wil je begrijpen hoe de overeenkomsten en verschillen tussen de planeten relevant zijn voor de ontwikkeling van planeten in algemene zin. Zodoende is het alleen waardevol om aan planeetonderzoek te doen als je je niet beperkt tot één hemellichaam. Uit geologisch oogpunt is Mars een uitermate fascinerende planeet, maar zeker niet de enige ‘ster’ aan het firmament voor de planeetonderzoeker. Je hebt de verhalen van de landschappen nodig van zowel planeten die dicht bij de zon staan, als die van de manen van de reuzenplaneten en de ijsdwergen die alleen op grote afstand van de zon te vinden zijn. Pas dan kun je iets vertellen over de geologische processen die een fundamentele rol spelen bij de evolutie van planeten en, uiteindelijk, van het zonnestelsel als geheel. Als je naar de planeten en andere hemellichamen met een vast oppervlak kijkt en begrijpt hoe landschappen aan hun vorm komen, dan wordt duidelijk dat de geowetenschappen een belangrijke plek innemen in het hedendaagse planeetonderzoek. Doordat de geowetenschappen een rijke geschiedenis hebben, geven ze ook een belangrijk referentiekader waarmee we met ‘aardse’ kennis ook op andere plekken in het zonnestelsel landschappelijke vraagstukken kunnen bestuderen. Internationaal en binnen Nederland heeft het planeetonderzoek de laatste decennia een duidelijk geologisch karakter gekregen. Planeetonderzoek behelst dan ook een bijzondere samenwerking tussen de geowetenschappen, sterrenkunde en tal van andere aanpalende wetenschappen. Het is met recht een interdisciplinair werkveld te noemen dat antwoorden op complexe vraagstukken over de vorming en evolutie van hemellichamen aan het licht probeert te brengen. Dat hoeft zich niet alleen te beperken tot ons eigen zonnestelsel. Nu er ook buiten het zonnestelsel rotsachtige planeten worden ontdekt, sommige qua afmetingen vergelijkbaar met de aarde, wordt duidelijk dat het bestuderen en karakteriseren van de geofysische eigenschappen van planeten steeds belangrijker worden. Wat de volgende generatie telescopen en instrumentatie aan het licht gaat brengen over die rotswerelden, laat zich nu alleen nog raden. Vooralsnog hebben het landschap en het gesteente van hemellichamen hier in ons eigen zonnestelsel genoeg fascinerende verhalen te vertellen die je, als je je verdiept in de geologische achtergronden, ook zelf kunt ontdekken. Dit was de laatste column van Sebastiaan de Vet in deze reeks. Over een paar maanden keert Sebastiaan terug in Zenit met een nieuwe opzet van zijn maandelijkse column.

Zenit 4 2017 prod low res 1 49Dr. Sebastiaan de Vet (1984) is planeetonderzoeker en gefascineerd door de verandering van landschappen op de aarde en andere planeten in ons zonnestelsel. Onlangs verscheen zijn eerste boek ‘Praktisch planeetonderzoek voor de zaterdagochtend’. In een serie columns voor Zenit geeft hij een kijk achter de schermen van het geologisch getinte planeetonderFoto: Marthe Hennink. zoek.

Weersverwachting

Foto van de dag

Tweets over sterrenkunde

Contact

Stip Media

Louise de Colignystraat 15 

1814 JA Alkmaar

+3172 531 49 78

info@zenitonline.nl